6 September, 2010

Allergie

2 juni, 2009 door Mathilde  
Opgeslagen onder Aandoeningen - Ziektebeelden

Dit is een reactie van ons afweersysteem (immuunsysteem) op lichaamsvreemde stoffen (allergenen of antigenen) die op zich meestal onschadelijk zijn.

Niet de stof maar de reactie daarop van het lichaam zorgt voor de klachten.

Voorbeelden van allergenen zijn oa: stuifmeelkorrels, huidschilfers van (huis-) dieren, huisstofmijt, schimmelsporen of (onderdelen van) bepaalde voedingsmiddelen.

Allergenen adem je in, je eet ze op of ze komen binnen via de huid.

Bij inademing krijg je vaak astma-verschijnselen, met loopneus, tranende en rode ogen.

Bij voedselallergie krijg je meestal jeukbulten (urticaria) of misselijkheid, diarree, maag/darmkrampen of hoofdpijn.

Bij huidcontact krijg je een reactie van de huid in de vorm van eczeem en jeuk

 

Er zijn 4 typen allergische reacties:

Type I

Hierbij zijn IgE-antilichamen betrokken die zorgen dat het lichaam stoffen afgeeft die klachten kunnen geven van:

  • vaatverwijding van de bloedvaten van de huid (geeft roodheid en jeuk)
  • vernauwing van de luchtwegen (geeft benauwdheid en piepende ademhaling)
  • afname van de hartactiviteit (kan bloeddrukdaling en shock geven)

Een reactie treedt nooit op bij het eerste contact met een stof want eerst moet het lichaam IgE-antilichamen vormen. Herhaald contact kan wel een reactie geven.

De meest acute en levensbedreigende vorm van reactie is de zgn anafylactische shock.

Voorbeelden van type I allergie zijn:

-          astma

-          hooikoorts

-          constitutioneel eczeem

 

Type II

Hierbij zijn IgG-antilichamen betrokken. Deze reactie wordt ook wel cytotoxisch genoemd: antilichamen gaan reageren op antigenen op het oppervlak van cellen en weefsels met afbraak van die cellen en weefsels tot gevolg.

Voorbeelden van type II allergie zijn:

-          bloedtransfusie met bloed van een verkeerde bloedgroep

-          allergische reacties op geneesmiddelen

 

Type III

Er vormen zich antigeen-antistofverbindingen in de bloedbaan die neerslaan in weefsels en zo schade veroorzaken – meestal treedt dit op in gewrichten en in de nieren.

Of dergelijke verbindingen vormen zich in het weefsel zelf (auto-immuunreactie) – een voorbeeld daarvan is Systemische Lupus Erythematodes

 

Type IV

Hierbij spelen T-lymfocyten (helpercells) een rol die met afweerstoffen het antigeen onschadelijk maken, maar daarbij ook weefselschade geven. Het betreft eigenlijk altijd een reactie op lichaamsvreemde cellen, bv. cellen die door een virus zijn besmet of cellen van een transplantaat. Deze cellen worden gedood wat weefselschade en een ontstekingsreactie geeft. Dit uit zich meestal in eczeem. Een duidelijk voorbeeld is bv de nikkelallergie.

 

De meest bekende vormen van onderzoek en diagnose zijn door middel van een bloedtest en aantonen daarin van antilichamen (IgE of IgG), een krasjestest of injectietest op/in de huid of een plakproef (‘lapjestest’) waarbij pleisters met allergenen op de huid worden geplakt. Bij voedselallergie kan een eliminatiedieet worden gegeven.

 

Behandeling van een allergie bestaat uit:

-          vermijden van een allergeen

-          medicatie

-          desensibilisatie (je wordt immuun voor het allergeen)

Bij een anafylactische shock dient snel gehandeld te worden: er moet direct adrenaline worden toegediend waardoor de luchtwegen zich weer verwijden, de bloedvaten zich (tijdelijk) vernauwen en de hartactie wordt gestimuleerd.

  • Share/Bookmark

Gerelateerde berichten:

  1. Astma
  2. Hooikoorts
  3. Pollinose

Plaats een reactie

Vertel ons wat je denkt...
Hoe u reageert, is aan u, maar er zijn wel spelregels.
Ziektebeeld ziet toe op de naleving van die regels, voordat de reacties worden geplaatst.