6 February, 2012

Pollinose

25 december, 2009 door Mathilde  
Opgeslagen onder Aandoeningen - Ziektebeelden

Dit is een allergie voor pollen – stuifmeel – vooral van grassen, bomen en struiken. Maar je kunt ook hooikoorts krijgen van schimmels zoals deze voorkomen in regenachtige of vochtige gebieden. Het wordt ook hooikoorts genoemd.
Wanneer pollen (de allergische stof ofwel het allergeen) in aanraking komen met het neusslijmvlies brengen ze aldaar een afweerreactie (immuunreactie) teweeg. Dat heeft zwelling van het neusslijmvlies (congestie) tot gevolg en dus een ‘verstopte neus’, niezen, jeuk in de neus en ogen, en een loopneus.
Pollinose komt het meest voor in voorjaar en zomer wanneer er veel pollen in de lucht zijn. Dat komt omdat met name op warme zonnige dagen de pollen tot ontwikkeling komen. Maar je kunt er ook in andere perioden van jaar last van hebben. Zo kon dit jaar in november nog pollinose voorkomen doordat het koude weer pas laat is ingezet en door de relatieve warmte m.n. hazelaar en els extreem vroeg in bloei zijn gekomen (normaal worden de pollen van deze struiken en bomen pas in januari of februari in de lucht verspreid).

Oorzaak
Planten en bomen zijn voor hun voortplanting afhankelijk van stuifmeel. Om er zeker van te zijn dat de plant zich kan voortplanten wordt het stuifmeel in grote hoeveelheden gemaakt en ofwel door insecten ofwel door de wind overgedragen.
Bepaalde planten en bomen zijn bekend om hun pollinose opwekkende stuifmeel. Dit zijn onder andere: hazelaar, berk, els, kropaar en diverse grassoorten zoals veldbeemdgras, raaigras, zwenkgras, struisgras, doddengras en bijvoet.
Het seizoen is belangrijk want veel planten maken maar gedurende een bepaalde periode stuifmeel. Maar omdat veel mensen voor meerdere soorten planten gevoelig zijn kan de periode van pollinose bij elkaar een (groot) deel van het jaar in beslag nemen.
Zonnig en droog weer zorgt voor veel stuifmeel in de lucht, terwijl regenweer voor mensen met pollinose met recht een verademing is omdat regen stuifmeel doet neerslaan waardoor je het niet (of minder) inademt.

Klachten
De klachten doen zich op 3 vlakken voor:
- Neusklachten met zwelling van het slijmvlies, neusverkoudheid, maar ook een branderig jeukend gevoel wat niesbuien opwekt, als de uitgangen van de bijholten (sinussen) afgesloten raken door de zwelling van het slijmvlies dan kan zware, drukkende hoofdpijn en gevoeligheid van de bijholten ontstaan.
- Oogklachten in de vorm van jeuk, branderigheid en droge ogen als gevolg van direct contact van het stuifmeel met het oogslijmvlies.
- Overige klachten voornamelijk aan luchtwegen of huid, bestaande uit hoest of zwelling en irritatie van de huid- deze ‘overige’ klachten komen relatief weinig voor.

Diagnose
Het is zaak de allergie aan te tonen.
Dit kan geschieden door middel van een huidtest, de RAST-test, met plakkertjes op de huid en onder elke pleister een ander allergeen – allergie geeft huiduitslag. Of door middel van de ‘priktest’, waarbij intracutaan (in de huid door injectie) diverse allergenen worden toegediend. Allergie geeft galbulten.
Hoe uitgebreider de huiduitslag of hoe groter de galbult hoe meer allergisch je bent.

Behandeling
Er zijn een groot aantal medicijnen tegen allergie.
• Het meest gebruikt zijn de zgn. antihistaminica – deze voorkómen dat ontstekingsopwekkende stoffen (zoals stuifmeel) in de slijmvliezen worden losgelaten en daar irritatie veroorzaken. Antihistaminica remmen de werking van het immuunsysteem.
Veel antihistaminica zijn verkrijgbaar op recept, maar een aantal kun je ook gewoon bij drogist of apotheek kopen. Van het ene middel wordt je meer suf dan van het andere, met name de duurdere middelen (recept) geven minder sufheid als bijwerking.
• Naast gewone neusspray om de zwelling van het slijmvlies te minderen (let op: niet meer dan 2x per dag gebruiken en niet weken achtereen), zijn er ook neussprays met corticosteroïden welke de ontstekingsreactie remmen.
• Bij ernstige vormen van pollinose kan een desensibilisatiekuur worden voorgeschreven. Dit kan via druppels onder de tong, neusspray, tabletten of injecties worden toegepast. De gedachte is dat je een allergeenoplossing toegediend krijgt aanvankelijk in heel lage dosering en zo in de loop der tijd opklimmend in dosis. Het lichaam krijgt dan geleidelijk de gelegenheid afweerstoffen tegen het allergeen op te bouwen. Overigens zijn de beste effecten bekend van een (langdurige) injectiekuur. Je merkt vaak al in het eerste jaar effect en uiteindelijk kan een reductie in symptomen worden bereikt. De reden dat het bij pollinose vaak maar een matige verbetering geeft is dat een desensibilisatiekuur slechts voor één allergeen tegelijk kan worden gegeven. Bij pollinose is vaak sprake van allergie voor meerdere allergenen tegelijk.
Ook zeggen wetenschappers wel dat een kuur niet zoveel zin heeft omdat het opheffen van de ene allergie vaak een allergie voor een andere stof tot gevolg heeft.

Belangrijk
Er is een belangrijke link tussen pollinose en astma. Het verdient daarom aanbeveling bij (flinke) pollinose je arts te bezoeken die je kan doorverwijzen naar een longspecialist (om te onderzoeken op astma) of een dermatoloog (om de allergie te achterhalen).
Het aantal gevallen van pollinose en allergie lijkt toe te nemen, dit kan enerzijds zijn doordat de zomers vaker warm en zonnig zijn, maar ook door de toenemende luchtvervuiling waardoor er meer allergenen circuleren.

Share

Gerelateerde berichten:

  1. Hooikoorts
  2. Allergie

Plaats een reactie

Vertel ons wat je denkt...
Hoe u reageert, is aan u, maar er zijn wel spelregels.
Ziektebeeld ziet toe op de naleving van die regels, voordat de reacties worden geplaatst.

*